Vrijdag 1 september

Als ik de gang doorloop naar het perron hoor ik een wat harde scherpe stem door mijn MP-3 muziekjes heen. Ik haal de oordopjes uit mijn oren en hoor de boodschap herhaald worden:

Vanaf 10 december rijdt deze trein niet meer op tijd.

Het wordt in stukjes uitgesproken, alsof het opgenomen is, en de zin bij elkaar geraapt is door bijna willekeurige stukjes zin uit de computer achter elkaar te plakken.

Vanaf 10 december
rijdt deze trein niet meer
op tijd.

Dol op burgerlijke ongehoorzaamheid.
Zaterdag 2 september

De dag start langzaam, ik slaap, ik hang, ik voel me ziek, maar het mag, het is weekend, het zijn bijtankdagen.
Op tv een documentaire Het busje in de serie Overleven in Nederland, over de unieke veerkracht waarmee kinderen zich aan de meest ongewone situaties kunnen aanpassen.
Deze aflevering gaat over de kinderen die dagelijks met een busje naar speciaal onderwijs moeten worden gebracht en ik moet aan Man denken, die in een soortgelijk busje rijdt. Ik moet sowieso veel aan Man denken, in combinatie met het leven in mij.
In de omschrijving van Het busje staat: Henk moet naar een speciale school, daarom gaat hij met 'het busje'. Elke dag rijdt hij een uur heen en een uur terug door de stad, samen met vier andere kinderen die ook door de chauffeur worden opgehaald. Henk wil niet in de bus, in de bus moet je knokken voor je plek. En je kan niet weg. Het is pesten en gepest worden, want 'als het moet, dan moet het' zegt Appie die ook meerijdt. Van de winter tot de zomer volgen we Henk's belevenissen tot zijn laatste schooldag.
Ontroerend om te zien, en ik besef weer hoe fijn documentaires zijn om zo een kijkje in hoofden en culturen te krijgen. Henk wordt gepest met zijn verliefdheid op, zijn willen trouwen met het enige meisje wat ook meerijdt. Hij wordt gepest en toch heeft hij de moed die verliefdheid niet te ontkennen, zelfs te zeggen dat hij haar sexy vindt. Hij wordt genadeloos afgestraft als zij van zich afbijt en zegt dat ze hem lelijk vindt.
Hij staat iedere dag al een behoorlijke tijd op de bus te wachten, is waarschijnlijk al vroeg naar buiten gestuurd, of wil zelf graag weg zijn daar, ondanks regen en sneeuw. Als hij 's middags weer wordt thuisgebracht kan hij vaak niet meteen naar binnen. Zijn moeder is er niet, zijn vader ligt te slapen en hij heeft geen sleutel. Als hij bij zijn hond en zijn kat is voelt hij zich niet alleen. Als hij tegen de regels in 's ochtends uit een zak chips zit te eten, wordt de zak afgepakt en wordt hij uitvoerig terechtgewezen. Hij trekt zijn jas uit en verstopt zich eronder, in de hoop zo niet meer gepest te worden.
Zo bezig erbij te horen, en om te gaan met er niet bij horen.

Ik neem me dingen voor, neem me voor jou niet buiten te laten staan, jou het niet koud te laten hebben, jou een zo ontzettend welkom gevoel te geven. Realiseer me tegelijkertijd dat alle goede wil en alle goede voornemens niet betekent dat jij probleemloos door het leven gaat en dat ik daar goed mee om kan gaan.
Zondag 3 september

Dierbare Dorpsgenoot (DD, zie ook ander leven) vertelt me over de opening van een kunstenares waar hij was, Mathilde Hemmes. Ze omschrijft haar thematiek als volgt: Mijn werk ontstaat vrijwel altijd uit mijn verbijstering over de griezelig dunne grens tussen (nieuw) leven en dood, en mijn enorme gevoel van machteloosheid daarin.
DD vertelt verder: Ze is 20 jaar verloskundige geweest, voordat ze aan de kunstacademie begon. Als vroedvrouw heeft ze meerdere keren meegemaakt dat een pasgeboren kind van het ene op het andere moment dood ging, of zelfs dat de moeder stierf. Indringende gebeurtenissen, van waaruit haar drang tot kunstuitingen ontstond. Ze had een aantal video's lopen, waaronder een confronterende: een glas water met zwemmende kikkervisjes, van boven opgenomen. 'Sterk water' was de openingstitel. Dan zie je dat er een kleurloze vloeistof bij de kikkervisjes wordt gegoten, waarop binnen een seconde alle diertjes ophouden met bewegen. Het is schokkend, leven doodmaken voor kunst. Maar dan ga je je vragen stellen: is leven doodmaken voor wetenschap of eten niet schokkend?
Hij vertelt dat er een video op haar site is getiteld De Bevalling, die erg indrukwekkend is. Ik aarzel om het te openen, maar wordt geholpen door het feit dat ik constant een foutmelding krijg als ik het uiteindelijk toch probeer.
Vandaag lukt het me niet toe te geven aan de dekbedopbank-wens.
Om eindelijk die tas met attributen voor de slaapkamer uit te pakken. Nee, geen wilde seksspeeltjes, maar nog meer doeken en bloemen en klim ik trap op en trap af. Vloekend, als het weer eens niet lukt zoals ik wil, maar voldaan als de tas leeg is.
Bedenk me dat ik een kamer voor jou gereed zal moeten maken. Denk gelukkig ook nog aan de wijze les dat ik maar 1 ding tegelijk moet doen, dus eerst vakantie, en dan eens kijken hoe jouw plek eruit gaat zien.
Ik slik hard, terwijl ik welgemeend iemand gelukwens met de opbouwende spanning van een mogelijke nieuwe liefde. Slik nog harder, om de snel opkomende negatieve gedachten geen voeding te geven. Probeer ik wat goeds te doen en eindelijk wat oude mails te beantwoorden, zoals die van de jongen van wie ik mijn 1e zoen kreeg, toen ik 12 was.
Kijk ik foute tv, zoals Koffietijd, en bevlek ik mijn beeldscherm veelvuldig door het raak meppen met de vliegenmepper.
Maandag 4 september

Alles in mij snakt en smacht naar vakantie. In iedere zin op mijn werk komt vakantie voor en zelfs het wachtwoord van mijn computer daar is veranderd in vakantie.
Op internet boek ik alvast een kaartje voor het Alhambra in Granada.
Voorpret.
Leuk ook om deze reis met jou te gaan maken, het maakt het intiem, bijzonder, 3 weken om ons met elkaar te verbinden, elkaar te leren kennen. Ik zal mijn best doen me van mijn beste kant te laten zien, jou en mij laten zien wat genieten is, rust, overgave aan de schoonheid van het leven.
Dinsdag 5 september

In het reisboek kom ik vlakbij Granada in de woestijn Mini Hollywood tegen. Vreselijk kitsch maar leuk fout. Meerdere westernfilms zijn er opgenomen en nu wordt het geëxploiteerd en staan de filmsets mooi te wezen voor de foto's.
Ik heb best een rare smaak. Houd van kunst met de grote K maar ook van kitsch, met een grote K, zoals de follies en ook zo'n foute filmset. Het lijkt wat lastig er vanuit Granada te komen, wat misschien mijn redding is, maar ik ga toch kijken of ik er kan komen.
Ik zie er op internet nog even geen bruikbare (lees: kopieerbare en kwalitatief goede) plaatjes van, wat misschien jullie redding is, maar misschien, heel misschien, ga ik ze zelf wel maken.
Foute dingen kunnen zo leuk zijn...
Woensdag 6 september

In mij een groot telraam, nog zoveel dagen werken, nog zoveel dagen en zoveel uur, afijn, het kan me niet snel genoeg gaan.
Ik word op mijn wenken bediend. Om 10 over 10 krijgen we als ondernemingsraad te horen dat we over 10 minuten bij de directie moeten komen en wat volgt is een dag met mededelingen, bezwaren, pijnlijke stiltes.
De dag vliegt voorbij.
Nog maar 1 te gaan.
Donderdag 7 september

De trein zit rond half 11 vol met luid pratende plattelandsvrouwen (PLV's).
Volgens mij kunnen PLV's niet fluisteren. Maar ze kunnen wel heel hard lachen.
Ze worden getracteerd op 3 jongens die op het perron in een oranje hesje de ramen van een wachthokje staan schoon te  maken. Ze hebben een stoere gordel om, en ja;en daar eerst een dikke ronde lange grijze borstel uit die ze in een emmer sop stoppen en waarmee ze vervolgens de ruiten inzepen.
Dan pakken ze uit hun gordel een wisser en ze gaan van links naar rechts en klaar zijn ze.
De PLV's lachen. Dat moet toch anders. Wedden dat er geen scheutje azijn in het sop zit. Er ligt nog sop op de grond. Er zijn vlekken achter gebleven.
En vervolgens wisselen ze gedurende de 30 minuten durende treinreis huishoudtips uit. Geven elkaar pepermuntjes. Worden nog drukker als we Amsterdam binnenrijden.

Mijn laatste werkdag.

Vrijdag 8 september

De sofa komt vol te liggen met spulletjes die mee gaan. Stapeltjes kleding, toiletspullen, boeken.
Ik heb er zin in en ben zenuwachtig tegelijk. Vraag me af waarom ik er aan begin, wat een gedoe toch weer soms, en een hele onderneming en een smak geld. Mensen hebben het stoer genoemd dat ik deze reis alleen ga doen, en dat vind ik eigenlijk ook wel, maar vandaag zie ik ook de bezwaren, de twijfels, de redenen om niet te gaan.
Toch ga ik de stad in en koop ik de spulletjes die nog open staan op mijn meeneemlijstje.
Ik ga op reis en neem mee.
Jou.
Zaterdag 9 september

Poes stapt zonder problemen in het openstaande mandje. Ik denk te hebben gezien dt ze weet wat er gaat gebeuren, ze heeft de koffers geroken, de stapeltjes gezien. Ik heb haar gezegd dat ze uit logeren gaat, en dat ze lief moet zijn voor Ex. Dat ze naar iemand gaat die ze kent, waar ze al eerder was maar dan in een ander huis, naar iemand die niet meer rookt, want Poes heeft een duidelijk zichtbare hekel aan rook.
Bij Ex stapt ze vanuit het mandje direct achter de kast. Daar zou ze wel eens 3 weken kunnen zitten, Poes is lekker eigenwijs. Maar al redelijk snel komt ze te voorschijn en ontdekt ze de wereld. Haar tijdelijke nieuwe wereld. Ik kan hier uren naar kijken, de staart nog laag, buikje nog lager hangend, de ogen waakzaam en het neusje vooruit. Dit komt goed, denk ik, als ze bij me op schoot op de bank is komen zitten en zich zelfs al door Ex heeft laten aaien.
Thuis is het leeg.
Geen Poes die de stapeltjes omver loopt, die in de koffer gaat zitten, die bij me in bed komt liggen.

Zondag 10 september

Dienstmededelingen.
Ik zal waarschijnlijk de komende 3 weken af en toe een stukje schrijven voor hier. Dat kan niet in het programma waar ik het nu in maak, dat staat op mijn computer geïnstalleerd en de computer gaat niet mee.
Ik zal het daarom maken via de website van mijn host maar heb daar veel minder mogelijkheden qua opmaak.
Het zal dus meer kale tekst zijn, en ook niet Vandaag boven aan, maar steeds onderaan omdat ik de oudere stukjes niet op kan schuiven.
De stukjes van de afgelopen dagen die ik nog niet had geschreven, staan alvast bij september.
Ok.
De koffer is gepakt, ook al heb ik vannacht gedroomd dat ik een behoorlijke stapel op de sofa was vergeten.
Het huis is opgeruimd en schoongemaakt.
Nog een paar laatste dingetjes en dan vertrek ik naar de zon en prachtige gebouwen en bijzondere treinreizen.
In mij groei jij. Volgens mij heb jij er ook wel zin in.
Ik houd je niet verantwoordelijk voor de zenuwachtige dunne poep die mijn lichaam verlaat.
BRIEVEN AAN MIJN NOG ONGEBOREN KIND



Maandag 11 september

Baby,
Dit is genieten, dat is wat ik je wil laten zien. Mooie nieuwe dingen zien, je vertrouwd maken met een nieuwe stad, een nieuwe wereld, en vooral veel op bankjes zitten en kijken. Kijken naar de zwervers die samenkomen in het park, de vrouw die mede door het bier al haar zinnen zingt. De zon op je voelen, veel vocht tot je nemen, en genieten van de kleine dingen. Ik ben me erg van je bewust, en hoop door onze navelstreng iets op je over te kunnen brengen.



Dinsdag 12 september

Baby,
Vandaag laat ik je wat andere dingen van het leven zien, die voor mij ook belangrijk zijn. Ik neem je mee naar het Prado, waar een groot deel van de grote werken hangen. Ik hang mijn tas bewust niet op mijn buik, in de hoop dat je mijn navel als kijkgat kunt gebruiken. Veel oude werken vooral, waar nog erg realistische portretten werden gemaakt. Heb ik je nu horen gapen, of was ik dat toch zelf? Rubens raakte me, ik mag die Rubens wel, en ik denk dat hij mij ook wel had gemogen. Dat is wat ik je vertellen wil, dat uiterlijk er niet toe doet, dat hij in staat was van zo´n lichaam een gratie te maken. En ook dat het belachelijk is om steeds zelf op de foto te moeten staan, voor ieder gebouw, ieder uitzicht en ook ieder kunststuk. En dat het al helemaal not done is hierbij te flitsen.
Vandaag ontmoet je ook 2 mannen. De 1e, die zegt Carlos te heten, windt zich op over het feit dat ik geen Spaans spreek terwijl ik in Spanje ben. Ik doe behoorlijk mijn best maar niet tegen een man die al zo vroeg op de dag zo ontzettend dichtbij komt en zo nadrukkelijk naar bier ruikt. Hij kent een Nederlands woord, godverdomme, en snel doe ik mijn handen voor mijn buik om je oren te beschermen. Je mag best vloeken, maar het moet niet 1 van de eerste woorden zijn die je leert. De andere man heet James, een mooie neger die een tijdje naar ons kijkt als we in het park liggen te lezen en ondertussen nutteloze pogingen doen de vliegen te verjagen. Ze nemen wraak voor alle Hollandse familie die ik verwoed heb doodgemept.
James komt eerst om een vuurtje vragen om me vervolgens zijn telefoonnummer te geven. Hij vindt me mooi, vindt me mooi wit, terwijl ik net zo trots ben op het eerste kleurtje wat ik begin te krijgen.
Het telefoonnummer belandt snel in de prullenbak.
Op het gezellige plein vlakbij het hotel wordt een theatervoorstelling opgebouwd. Ik besluit eerst naar huis te gaan voor een welverdiende siesta, mama´s lijf is nog sneller moe dan anders. Maar na wat liggen en een douche ga ik toch weer terug naar dat gezellige plein en na lang wachten wordt ons geduld beloond. Mijn hart klopt, en mijn hoofd produceert ideeën voor een festival waar ik een productie voor wil maken. Bedenk me opeens dat jij er dan al bent, leuk, jou in een draagdoek dicht tegen me aan. Ik kan je warme lijfje al voelen.
Maar het theater wat we te zien krijgen is leuk, met eenvoudige middelen toch een groot publiek kunnen boeien en laten lachen, het is een kunst.
Het is al laat als we terug zijn in het hotel.
Als ik in de spiegel kijk zie ik weinig van mijn gratie. Ben ik moe en eenzaam, en wilde ik dat ik hier met iemand was, waarmee ik jou niet tekort wil doen.

Woensdag 13 september

Baby,
Was je ook zo trots op mama toen je haar in haar beste Spaans een plaats hoorde reserveren voor de trein morgen naar Granada? En op hoe vastberaden ze de lange weg aflegde door het park wat er best een beetje eng uitzag maar nu eenmaal naar de dierentuin leidde? Er zijn een paar dingen die je vandaag hopelijk geleerd hebt, namelijk dat ik er niet tegen kan als dieren toch worden gevoerd, ondanks de vele bordjes die zelfs ik nog begrijp, en mensen die tegen ruiten aan gaan tikken en gekke bekken trekken in de hoop er bij het dier ook 1 te ontlokken.
Op de terugweg door het park zag je een wat raar dier: een homo sapiens, een blote man. Heb je vrij zicht gegeven, wen maar vast aan de aanblik, dat kan geen kwaad. Ze zien er raar uit, die mannen, maar je went er aan.
Madrid was een inkomertje. Een stad die me niet heeft geraakt. Morgen, in Granada, gaat het volgens mij pas echt beginnen.

Donderdag 14 september

Baby,
Voel jij je hier net zoveel meer thuis als ik? Wat een leuke stad, met luid ruziemakende zigeunervrouwtjes, prachtig zingende flamengodames, jongeren met en zonder dreads die zich met tapas verzamelen op de trappen van de kathedraal. Dit is mijn stad, hier wil ik zijn.
Ik heb je horen lachen toen ik met de douche aan het bekvechten was. Het hotel is zo chic dat ik al die knopjes niet snap. Pas later bleek dat eerst de sleutelkaart in een gleuf moet voordat er licht en water is. En vervolgens komt het water uit alle gaten van de massagedouche, om gek van te worden.
Zie hier op straat veel toeristenstellen waarvan de man lijkt op Man, op Goede Man of zelfs Foute Man. Ik leg je het verschil nog wel eens uit lieverd, maar eigenlijk zijn het alle mannen door wie mama afgewezen is. Het doet pijn, van binnen huilt het en jammert het, maar dat mag in een stad waar ik de aanwezigheid van Annie zo goed voel, zij die dol was op zigeuners, die me geleerd heeft hoe verdriet en geluk hand in hand kunnen gaan, die me de betekenis van melancholie heeft doen ervaren.

Vrijdag 15 september

Baby, dit is het goede leven. In de zon door de wijk Albaicin, de meest kneuterige straatjes waar ik veel te veel foto´s maak, het brood eet wat ik gekocht heb, en mensen observeer. Ik maak kennis met Serge, uit Brussel of uit Madeira, da´s onduidelijk en die ik daarna nog met veel andere vrouwen kennis zie maken. Zo is het leven baby, maar ik wil je er nog niet te veel over zeggen nu ik nog niet weet of je een jongetje of een meisje bent. Dat zou niet uit mogen maken, maar dat doet het toch wel.
Ik zie toeristen die me inspiratie geven voor het theaterstuk voor het festival, en wat jij met je eigen ogen zult gaan bekijken. Ga ´s avonds met een vreselijke Belgische groep naar een flamengogebeuren in de grotten van Sacremonte. Ik zoek de passie, vind die deels ook, maar zie ook de verveelde gezichten van de meisjes die deze show voor de zoveelste keer opvoeren in deze toeristenfabriek.
Het doet me weer zo blij zijn niet met een groep op reis te zijn, maar gezellig met ons 2-en.

Zaterdag 16 september

Baby,
Vanuit de tuinen van Palacios Nazaries in het Alhambra stuur ik BHV een sms-je dat ik bijna klaar kom bij een biertje. Ik zou het eigenlijk niet mogen, vanwege jou, dat biertje bedoel ik, niet het klaarkomen, maar 1 biertje moet kunnen toch? Ik word helemaal gek van de overdaad aan schoonheid en maak veel te veel foto´s van iedere deur en lamp en elk uitzicht. Na dat ene biertje word ik giechelig en maak opeens foto´s van bloemen, wat je moeder eigenlijk nooit doet, want ze is niet van bloemetjes en vogeltjes enzo. Met een brede glimlach trad ik de toeristen tegemoet, bood aan een foto van ze te maken voor de zoveelste fontein en waggelde de berg weer af.
Hoop dat je meegenoten hebt.
Dat ik je niet nu al in een trauma heb gegoten door de aanzicht van je ietwat dronken mama.

Zondag 17 september

Baby, het spijt me. Ik heb je aan iets vreselijks blootgesteld, maar de nieuwsgierigheid won het van mijn weerzin en mijn oordelen.
Ik weet het, 6 dode stieren en mannen in glimmende pakjes die zich op de borst kloppen vanwege dat feit, maar je moet toch in ieder geval toegeven dat de ambience geweldig was, met de vrouwen die met hun waaiers wapperden, de mannen die ondertussen met 1 oor het voetbal volgden en het boegeroep en aanmoedigen met de witte zakdoekjes. Het huilen en omhelzen van de vrouwen toen de publiekslieveling had gewonnen, zijn moeder die foto´s uitdeelde met handtekeningen, het commentaar van de mongool die door zijn vader meegenomen was.
Het spijt me, het was gruwelijk, en toch heb ik me vermaakt bj het spel van de mannen, het aantrekken, verleiden en het proberen te ontwijken. Ik zag er weer inspiratie in voor het theater, en ook prachtige houdingen die de mannen aannamen om tot hun recht te komen.
Ook dit is leven, vrees ik, en dood.

Maandag 18 september

Baby,
Hier wil ik ook wel oud worden. Het tehuis voor bejaarde priesters ziet er geweldig uit.
Je moeder heeft ooit nog stage gelopen in een huis met demente bejaarden. Ze zaten er in alle fases, de professor die net was binnengebracht en zich nog kon herinneren ooit kennis te hebben gehad en zich af en toe realiseerde dat allemaal kwijt te raken. De mensen die riepen dat ze nooit bezoek kregen terwijl hun kind naast ze stond maar die ze niet herkenden. De mensen bij wie bepaalde onderdrukte zaken terug kwamen. De zeeman, die begon te schreeuwen van angst als we hem wilden wassen. De diabeet die constant de suikerpot uit de verplegersruimte jatte. Maar ook de priesters en de nonnen die in een apart deel van het tehuis werden verzorgd en vloekend en tierend achter de gesloten deuren stonden.
Lieve schat, als ik nu beloof mijn leven lang goed voor je te zullen zorgen, zul je dat dan later ook voor mij doen? Je hoeft me niet in huis te nemen, denk niet dat jij en ik daar gelukkiger van zullen worden, maar een eigen huisje, zo lang mogelijk? En me anders binnensmokkelen bij de priesters van Sevilla?

Dinsdag 19 september

Baby,
Vijf uur wachten op de slaaptrein naar Lissabon valt niet mee, hè?
Vijf uur wachten terwijl het buiten al donker is, en ik niet met mijn bagage door een onbekende stad wil zeulen en ik niet mag slapen op het station sinds de beveiliging rond treinen is verscherpt.
Ik stap de plaatselijke stationsrestauratie in en daarmee een Alex van Warmerdam-filmset. Ik laat je later nog wel eens een film van hem zien, ik las dat er eind deze maand een dvd-box met zijn films uitkomt, en ik ga als ik terug ben zeker naar zijn nieuwste, Ober, maar ik weet niet of je daar dan veel van meekrijgt.
Ik ben nu best jaloers op je, waarschijnlijk dobber en soes jij nietsvermoedend in mijn baarmoeder terwijl ik tot 3 uur vannacht mijn ogen moet zien open te houden.
Het decor is als volgt: een felverlichte bar met onder glas waarschijnlijk koude croissants en donuts. De achterwand bestaat uit kleine rode tegeltjes met witte voegen. De bar is van hout en het blad is marmer. Er hangt een monitor met tijden van aankomende en vertrekkende tijden maar na 22.00 uur is de persoon die het scherm bedient waarschijnlijk vrij want het wordt niet meer ververst. Daarnaast hangt een tv monitor die wel beeld geeft maar geen geluid. Er komt muziek uit de boxen, Engelstalig en modern.
Een houten kamerscherm maakt een scheiding met het rookgedeelte.
Als ik binnenkom zijn er 3 mannen, 1 achter en 2 voor de bar. Ze zijn in een luide discussie verwikkeld, waarvan ik geen woord kan verstaan. Ik bestel wat te eten en te drinken, merk dan dat er nog een meisje in de keuken staat.
De rode tegeltjesmuur wordt onderbroken door 2 bruine klapdeuren met een ruitvormig raampje. Rechts de keuken, links de voorraad. Hij verdwijnt steeds links in en uit, zij rechts, waardoor het een slapstick-weerhuisjes-act wordt.
Een oude man schuifelt binnen en zet zich aan de bar. Zonder woorden krijgt hij een biertje en een worstje voorgezet. Hij smikkelt van beiden, roept af en toe wat, maar niemand reageert. Als hij de laatste resten bier en worst uit zijn baard heeft gelikt vertrekt hij weer. Het personeel maakt intussen schoon. Ik leeg mijn glas en loop met mijn geld naar de bar. Iedereen die er is, is ook nodig om me duidelijk te maken dat het feit dat ze schoonmaken niet betekent dat ze sluiten, integendeel, ze blijven de hele nacht open.
Ik bestel een 2e drankje.

Mensen gaan, mensen komen. Mensen die nu moeten werken, agenten, taxi chauffeurs en de meneer van de beveiliging die consequent en heel secuur zijn ronde maakt, inclusief controle van de vuilnisbakken.
Een ontzettend niet interessante man ziet mij wel zitten. Hij zit uren achter de fruitmachine een enorme teringherrie te maken en laat steeds opnieuw papiergeld wisselen voor munten, bestelt een nieuw biertje en probeert mijn aandacht te vangen, wat niet echt lukt.
Na 2 uur herrie komen er ook eindelijk weer euro´s uit, waarschijnlijk heeft de barman zijn winstkansen stiekem vergroot omdat hij het wisselen zat werd.

De mannen vinden het raar en interessant, zo´n vrouw die daar 5 uur zit, en bijna alleen maar zit te schrijven. Ze vragen of ik een liefdesbrief maak.
Ik lach, denk aan Man, je vader.
Ik mis hem, op de momenten dat ik alle indrukken verwerk op een bankje in de zon, als voor me in de trein een jongen en een meisje zoenen, steeds maar weer opnieuw, als ik in bed kruip, alleen.
Ik mis zijn handen, zijn ogen, zijn lippen.
Ik mis de moed hem te vertellen dat hij papa wordt.

Woensdag 20 september

Baby,
Soms heb je dat met een stad, dat het niet wil lukken. Ben benieuwd wat die steden bij jou gaan zijn. Vorig jaar had ik het met Krakau, nu met Lissabon. Dan regent het, stap je uit bij het verkeerde station, wordt je mobiel gestolen, is het zeer moeilijk de weg te vinden, laat staan een supermarkt of internet. Juist zo´n moment om te sms-sen met BHV, maar dat kan nu niet meer.
Gelukkig zijn er dan nog Engelstalige zenders op de hotelkamer en Nederlandse kranten om me toch een beetje thuis te voelen.

Donderdag 21 september

Baby,
De pech zet zich voort. De metro staakt dus ik begin te lopen. En lopen is hier met name klimmen. Als ik dan een uur gelopen heb en bij een andere metrohalte sta blijkt dat de metro maar tot 11 uur staakte en dat ik om naar mijn bestemming te komen weer langs de metrohalte vlakbij mijn hotel kom.
Van die dingen.
Ik kom hier veel Pessoa tegen, de beroemde Portugese dichter, en dat doet me denken aan één van de foute mannen uit het Dorp.
Ik loop/klim kilometers om een begraafplaats te bezoeken, mijn eerste deze vakantie. Kom net voor sluitingstijd aan, en blijkt niet echt heel erg de moeite waard te zijn geweest.
Loop door enorme buitenwijken terug naar mijn hotel en naast de stoep ligt een zwart jong dood katje.
Ik kan het niet helpen, maar het doet me denken aan jou, zo klein.

Vrijdag 22 september

Baby,
En zodra ik in Porto aankom, weet ik dat dit mijn stad weer is, wat ik vorig jaar had in Boedapest. Ik dwaal er en verdwaal er, vind een supermarkt, een internetcafé en heb salaris.
Aan de achterkant van het hotel is een zeer vervallen binnenplaatsje. Ik hoef mijn hoofd maar uit het raam van mijn kamer te steken of ik tel wel minstens 10 katten die jammerlijk klagen. Mijn poezenhart stroomt over, morgen ga ik eten voor ze kopen. Ik vertel ze dat ik ze het liefst allemaal op bed zou nemen maar dat dit wat moeilijk gaat op 2 hoog.
Ik ga de stad in, en drink 10 jaar oude Port.
Dit is een land waar schrijvers hele dagen in kroegen zitten omdat er ook hele dagen mensen te observeren en te beschrijven zijn.
Ook mijn schrijvershart gaat open hier, heb tijdens het 5 uur wachten naar Lissabon 15 scènes geschreven voor het theaterfestivalstuk, waarmee het geraamte staat.

Zaterdag 23 september

Baby,
Droom jij al?
Ik heb ooit een boek gelezen over het leven van een ongeboren kind, en die maakte al reuze spannende dingen mee, maar was zo ook vatbaar voor trauma´s van de moeder. Vond het griezelig om die invloed te lezen. Heb het boek uitgeleend, en nooit meer teruggekregen.
Ik heb vannacht heel intensief gedroomd.
Mijn ouders hadden een feest van 2 dagen, omdat ze 25 jaar bij elkaar waren of zo, maar op dag 1 liet mijn vader al weten er niet bij te willen zijn. Mijn moeder ging wel naar het feest en omzeilde de moeilijke vragen, en wij kinderen deden mee, het was veel bourgondischer dan de feesten in mijn familie die ik gewend ben. Toen mijn vader aan het einde van die dag thuis al liet weten ook op dag 2 er niet bij te zullen zijn, vielen we allemaal over hem heen, zeiden dat hij dat niet kon maken tegenover mijn moeder. Toen vertelde hij dat hij wegging bij mijn moeder en bij ons, dat hij al jaren een dubbelleven leidde en minnaressen had en seksuele escapades en volgens mij nog veel meer heftige dingen die ik me niet meer kan herinneren. Ik weet wel dat ik heel veel gehuild heb en dat de pers erbij kwam en dat we als kinderen wel hele mooie dingen hebben gezegd en aan het eind waren er een heleboel mensen die ik niet kende en die aanboden ons te helpen omdat ze zo geroerd waren door ons verhaal, en de band tussen ons en onze moeder was erg innig geworden hierdoor en nou ja, ik werd wakker met grote verwarring.
Na zo´n droom, ook al weet ik de inhoud niet precies meer, moet ik de emoties altijd van me af zien te schudden en dat kan soms wel een dag duren.

Gelukkig ben ik in Porto, en ga ik mijn zinnen verzetten en lekker door de wijk Ribeiro lopen, met de nauwe straatjes, de mensen uit de smoezelige raampjes en de was tussen de huizen.

Zondag 24 september

Baby,
Lekker om even een dagje in de trein te zitten, langs de Douro-rivier, tussen de Portugese mensjes die ook allemaal een dagje uit zijn.
Wel een bizar begin van de dag, hoop niet dat jij er al te veel van meegekregen hebt.
Ik verlaat het hotel, te laat, besloten een treintje later te nemen.
Het regent.
Ik schuil onder de luifel van een gesloten cafeetje. Rechts, 2 luifels verderop, staat een man aan zijn paraplu te frutten. Ik kijk er naar. Hij zegt iets, maar ik kan niet liplezen en al helemaal niet in ´t Portugees. Bedenk dat hij me misschien zijn paraplu aanbiedt. Hij loopt langs. Lispelt iets. Ik begrijp opeens wat hij wil, kijk hem strak aan.
Andere mannen komen onder de luifel schuilen. Bekijken me met dezelfde blik. Ik controleer mijn kleding: ja, ik heb mijn broek aangedaan. En ja, mijn nieuwe jurkje is best ingewikkeld met dichtknopen enzo maar het valt over mijn borsten.
Langslopende oude vrouwtjes, gekleed voor de kerk, bekijken me afkeurend. De man met de paraplu komt nog een paar keer langs geschuifeld en doet me waarschijnlijk iets van een voorstel. Maar hoe kan ik iemand aantrekkelijk vinden, afgezien van leeftijd en uiterlijk, die ik net heb horen rochelen en zien spuwen.
Ik wil me niet laten verjagen, ik schuil onschuldig voor de regen en mijn vervellende neus moet mijn toerist-zijn toch duidelijk verraden, maar als mannetje nummer 4 met een geile blik vanachter zijn jampotglazen kwijlend aan komt schuifelen besluit ik door te lopen.
Is het soms hitsige zondag vandaag?
Is dit een land, dit een stad, waar iedere zondagmorgen standaard seks wordt bedreven om zo via het zaad van de man de zonde van de seks over des vrouws akkers te doen vloeien?
Is het de warmte van de droom die ik had vannacht over Jonge Ziel? Geen hitte van seks, maar warmte van diepe genegenheid en ontluikende verliefdheid, die mijn gezicht doet stralen? Is het mijn haar, vandaag gedragen in een Spaanse knot, wat me het juiste temperament verschaft? Is het soms een tippelzone waar ik mij bevind?
Ik loop door, door de regen. Er wordt getoeterd.
Iets verderop besluit ik opnieuw te schuilen. Ik hoor het toenemende geluid van een vrouw die klaarkomt. Ik loop door naar de metro. Niet dat ik hiermee sneller bij het station zal zijn, maar ik wil even ondergronds.

Maandag 25 september

Baby,
Het is wel een reis waarmee ik met oude dingen wordt geconfronteerd, de mannen, de seks, de verlangens, de angsten.
Opeens komen er gisteravond bij het eten 4 jongens binnen. Ze bestellen iets kleins, en 1 van hen probeert het meisje naast hen te versieren. Als dat niet lukt en als zij zich afwendt gaat hun aandacht naar mij, en naar mijn tas. Ik denk te begrijpen dat ze zich voorstellen hoe ze die tas af zullen pakken en hoe ik dan zal gillen. Ze lachen.
Na een tijdje gaan ze naar buiten. Blijven daar nog een tijd staan praten, kijken mijn kant op.
Mijn argwaan groeit en groeit. In mij een strijd. Wil niet te paranoia zijn, en overal gevaar zien maar weet ook wat een voorgevoel is sinds ik samen met Ex in Athene gewelddadig ben beroofd op een straatje waarbij ik geen goed gevoel had. Weet wat angst is doordat ik een aantal keer mijn lichaam heb moeten afstaan aan anderen, zonder daar toestemming voor te hebben gegeven.
Ik wil niet te negatief zijn, maar wil ook mijn gevoelens niet negeren.
Ik wacht en zie dat 3 van de 4 mensen weggaan.
De 4e blijft staan, kijkt steeds wie er uit de deur van de eetgelegenheid komen, kijkt steeds of ik er nog zit.
Ik overweeg anderen te vragen of ze een stukje met me mee willen lopen. Te vragen of er een achteruitgang is. Ik stop mijn paspoort en interrail alvast in mijn ene broekzak en een stapel geld in mijn andere. Zonodig hoef ik dan alleen het beetje geld af te geven wat ik in mijn portomonnee heb zitten. Ik trap er niet in als hij regelmatig bukt, om voor mij uit beeld te zijn.
Een groep gaat weg en ik grijp mijn kans om gelijk met hen de deur door te gaan en loop zo langs veilige drukke wegen naar mijn hotel.
Op de kamer doe ik het raam open en doe: pssst en er komen diverse katten aanrennen. Van 2 hoog gooi ik de gekochte kattenbrokjes en word gelukkig van het geknars van hun tanden.

Dinsdag 26 september

Baby,
Zoals ik met enige schaamte naar een stier kijk sinds ik naar het stierenvechten ben geweest, zo kijk ik nu vanwege mijn treingemak met schaamte naar de vele naar zweet ruikende wandelaars en fietsers die zich Santago de Compostela toeeigenen. Ze zijn in een overwinningsroes en ik kijk naar de stokken, de verbandjes, een paar opgedroogde blaren. Ik ben een toeschouwer, maar dat is tevens een rol die me goed ligt in het leven, aan de zijlijn staan, kijken, vastleggen, een poging doen niet te oordelen. Daarom ook ben ik eerder schrijver en regisseur, dan een speler. Ben een achter de schermen-mens, een voorpret-mens, een onderweg zijn-mens.
Woensdag 27 september

Baby,
Nog één dagje hier, dan 2 dagen onderweg naar huis, via Parijs.
Ik heb een geweldige reis gehad, met jou, en vind het niet bijzonder erg weer terug te gaan, met jou.
Onze reis samen gaat nog heel lang door, een leven lang, en we zullen nog zoveel avonturen gaan beleven.
Ik heb vertrouwen gekregen, in mezelf. Dit heb ik eerst geforceerd, door de beslissing te nemen je te laten leven, en heb daarna de moed gekregen hier ook achter te gaan staan. Levensmoed.
Gistermiddag zat ik in de zon op het terras. Hier is het de gewoonte dat mensen na hun werk en voor het eten nog even op een plein bijeenkomen. Sommige vrouwen zitten op de rand van het plein, praten over de dingen van de dag, terwijl de kinderen spelen. Sommigen komen met de familie bij elkaar aan een tafeltje van het café, en ik zie de warmte van het elkaar willen zien.
Ik zie het meisje dat zo mooi en netjes is aangekleed dat ze eigenlijk geen stap mag zetten zonder dat er bemoeienis van de moeder nodig is om de witte jurk en de onhandige schoentjes schoon en heel te houden.
Ik zie het jongetje dat in een wurggreep wordt gehouden omdat de moeder de nabijheid, de lichamelijkheid van het jongetje erg nadrukkelijk nodig heeft.
Ik denk aan Annie.
Ik denk sowieso veel aan Annie.
Ik ga je nog uitgebreid over haar vertellen.
Maar zij was er als geen ander toe in staat om kinderen in hun waarde te laten, ze als individuen te behandelen, ze mens te laten zijn.
Ik denk ook aan wat ik ooit tijdens een opleiding leerde: dat opvoeden is dat je kinderen leert zelfstandig te zijn, en dat je als ouder vooral bezig bent met loslaten.
Ik wil je niet afhankelijk van me maken, hoe afhankelijk jij ook voor me gaat zijn, vrees ik.
Het zijn goede voornemens, waarvan ik er meer heb genomen, deze reis. Goede voornemens die, als ik er nuchter over nadenk, zo dicht bij me liggen, zo haalbaar lijken. Het goed voor mezelf zorgen, en daarmee ook voor jou.
Zoals ik na een vakantie in Frankrijk altijd probeerde de aandacht aan het eten daar vol te houden thuis. Door uitgebreid te koken, met kruiden en zo. Maar gemak dient de mens, en na een week kwamen de oude gewoontes weer terug.
Zoals ik hier kan genieten van de oprechte blijdschap als mensen elkaar zien, het samenkomen, het werk maar een deel van het leven laten zijn.
Een week na thuiskomst, zal ik de balans opmaken.

Donderdag 28 september

Baby,
Je moeder is een beetje een rare. Dat heb je inmiddels vast al een beetje meegekregen en anders vandaag wel.
Ik beland bij toeval in een parkje waar een fototentoonstelling is over geweld. Op de inleidende borden staan een aantal vragen: ben je je bewust hoe de straat heet waar je loopt, welke kleur haar degene had die je zojuist gepasseerd bent, allemaal vragen die gingen over hoe bewust je al dan niet in het leven staat. Vandaaruit werd een brug gemaakt naar geweldsituaties. Hoe spelen en stoeien vechten wordt, en hoe we, als we dat toestaan, niet meer uit kunnen leggen aan onze kinderen dat oorlog fout is. Het staat er nu wat in steno, maar het was een mooie inleiding. Vervolgens grote foto's op schotten met het onderwerp oorlog, conflictsituaties. De meest gruwelijke beelden komen voorbij uit onder andere Congo, Haïti, Soedan, Irak, Palestina. Foto's van fotografen met naam, foto's van slachtoffers zonder naam.
Ik bekijk ze aandachtig, geschokt, maak foto's van de foto's.
Dan valt mijn blik op iets anders.
Tussen de schotten door kijk ik naar een man en een vrouw op een bankje in het park. De man is veel ouder dan de vrouw, ik denk wel zeker 30 jaar. De man was helemaal op de vrouw gericht, qua aandacht, qua lichaamshouding. De vrouw zat stijf, blik naar voren, linkerhand in de broekzak, een recht bonkig lichaam als schijnbaar onaantastbare vesting.
De  man raakt de vrouw steeds aan. Draait haar gezicht met een paar vingers aan haar kin naar hem toe, en houdt het daar ook zo. Hij zoent haar. Een enkele keer zoent ze terug,
Hij strijkt over haar borsten, haar buik, laat zijn vingers over de stof van haar spijkerbroek bij haar kruis dwalen.
Ik zie ze weggaan, maar als ik na een half uurtje schuilen voor de regen terugkeer naar de plek zitten ze er weer. Ik kan mijn blik niet afwenden. Probeer in te schatten of het tegen haar zin gebeurt. Haar houding wijst daar wel op, maar ik zie haar soms ook lachen, en hem zoenen, hoewel ik mijn vraagtekens plaats bij de vrijwilligheid daarvan. Maar ben vooral gefascineerd door de lichaamshouding, en als een echte paparazzi maak ik er een paar foto's van, stiekem, tussen de fotoborden door.
Ik besluip ze. Loop naar de borden achter ze, wil hun stemmen horen. Het is met name de man die praat, de vrouw kijkt vooral stug vooruit als ze aan zijn vingers om haar kin kan ontsnappen. Ik maak een close-up van achter, ze merken er niets van. Een andere bezoeker van de tentoonstelling vraagt me waarom ik die foto maakte. In mijn beste Spaans probeer ik duidelijk te maken dat die hombre niet helemaal deugt en uit zijn antwoord maak ik een pleidooi voor de zwaktes van de man op en ik besluit door te lopen.
Moet lachen om mezelf. Ik, die de nodige schroom kent bij het op de foto zetten van mensen, heb dit stel bespied en benaderd en van zo ontzettend dichtbij vastgelegd.
Maar zoals ik ook wel eens geprobeerd heb wolken te fotograferen, of meer de beelden die ik in de wolken zag, en dat mislukte finaal, zo vraag ik me nu af of ik dat wat me zo ontzettend fascineerde heb weten te vangen.
Vrijdag 29 september

Baby,
Parijs is het omhelzen van oude vrienden en het begroeten van nieuwe.
Zodra ik de metro uit ben komt een jongen naast me lopen en vraagt me of ik meega een kop koffie drinken.
Maar ik heb een missie.
Ik ga vandaag naar een tweede museum van Rodin, net buiten Parijs, in Meudon. Een huis waar hij samen met zijn vrouw gewoond heeft en waar hij ook een atelier had. Camille die er in de struiken zat om naar hem te kijken.
Als ik de oprijlaan oploop valt er een kastanje naar beneden.
Vorig jaar liep ik in Berlijn, had nogal de slappe lach in mijn eentje en er viel heel hard een kastanje uit de lucht. Dank je Annie, riep ik.
Een paar weken terug inmiddels, zat ik vreselijk gelukkig te wezen in de zon op een muurtje bij het Alhambra met een biertje en een kastanje valt hard uit een boom.
Nu loop ik op de oprijlaan van een museum waar ik al zo lang naar toe wilde, en wat maar zo beperkt open is, en een kastanje valt. Bij het weggaan weer.
Ik raap ze op, laat ze even liggen in mijn handpalm, neem ze mee.

's Avonds laat, aan haar keukentafel bij Ex vertelt Annie's beste vriendin dat Annie zelf maandenlang een kastanje bij zich heeft gedragen.
Tranen wellen op, rollen niet.
Niet huilen en verdrietig zijn, maar ontroerd zijn en haar bij me weten.
Zaterdag 30 september

Baby,
Wasje, boodschappen, souvenirs een plek geven.
Poes aaien.
Mobiele telefoonnnummer op nieuwe simkaart over laten zetten, er achter komen dat een nieuwe telefoon nogal  duur is, weer een hoop mevrouwtjes-gehalte bij de verkoper en op internet verder zoeken.
Al mijn rolletjes inleveren bij de Hema om de foto's op cd te laten zetten, en voor deze 1-uurs service tot aan  het eind van de dag moeten wachten.
Bloemen kopen op de markt.
Om 5 uur bij de Hema staan en dan toch nog moeten wachten omdat ze nog met 2 rolletjes bezig zijn. De jongen achter de kassa horen overleggen met de collega die de rolletjes in behandeling heeft. Hem maandag horen zeggen. De collega 'nog een klein half uur' horen zeggen.
Dan na dat halve uur toch nog schrikken van de prijs.
Met overvolle tassen aan mijn stuur met moeite op het zadel kunnen komen, meelachend met de man die hierop commentaar heeft.
Thuiskomen.


MEE LEVEN

MEE KIJKEN

ANDER LEVEN

EERDER LEVEN

VANDAAG
Sammy
september 2006