Zondag 27 mei
Er zijn vannacht een paar mensen wakker geworden en hebben toen gezucht.
Dat waren de mensen die de tent gingen opzetten voor mijn feest en op het moment van wakker worden regende het.
Als ik met BHV en Ex aankom op het terrein schrik ik. Op het grote terrein zie ik rood-wit afzetlint. Ik denk aan de woorden van de beheerder van de kiosk op het terrein, dat het wel eens heel erg druk kon worden, dat ik er vroeg moet zijn of in ieder geval een stuk zou moeten afzetten.
We rijden door, en op een naastgelegen, veel mooier stuk is nog plek genoeg. Ik haal mijn duimende vingers uit elkaar en opgelucht adem.
Er wordt nog meer gezucht bij het opzetten van de tent, en volkomen terecht. Door de grootte en de zwaarte en mijn gebrek aan realiteitszin worden de nodige twijfels geuit en zweet vergoten.
Een kop koffie en een handleiding later komen we een heel stuk verder.
We, eigenlijk is dat alleen BHV en Ex. Ik voel me beperkt door mijn eigen lichaam, beperkt door onvoldoende daadkracht.
De tent komt te staan, ziet er indrukwekkend uit. We versieren de tent, pakken alle spullen uit en knappen onszelf een beetje op. Niet lang daarna komen de eerste gasten.
De dag gaat in een roes voorbij. Ik praat wel met mensen maar tot echte gesprekken komt het niet. Soms gaan mensen al weer weg terwijl ik ze nauwelijks gesproken heb.
Toch is het wel een dag zoals ik gewild had en er zijn meer mensen gekomen dan ik had durven hopen, zo'n 30 mensen.
Ik zie mensen met elkaar mengen. Er is geweldig eten. De zon schijnt.
Ik heb een fotoslinger gemaakt van de mensen die er zijn en niet konden zijn, hetzij door de dood, hetzij door andere redenen.
Ik vertel wie wie is en wat die mensen voor me betekenen.
Verbind er daarna een element aan wat typerend voor me is: een quiz. 20 Vragen over mij, met 3 mogelijke antwoorden. 4 Teams, lekker gemengd, en van ieder team moet iemand rennen naar de bank die staat voor het antwoord waarvan zij denken dat het juist is. Ze blijken me goed te kennen.
Mijn moeder laat me weten het zo leuk te vinden nu ook dit deel van mijn leven te hebben gezien.
Ik moet eerlijk zeggen dat dat een deel van de reden was het zo groot aan te pakken.
Ik wilde mijn familie laten zien dat ik gelukkig ben nu, dat ik een sociaal leven heb.
Of wilde ik dat mezelf bewijzen.
Later op de avond, als er nog maar een paar mensen zitten, loop ik het bos in om te plassen. Terwijl ik probeer niet met mijn blote billen in de brandnetels te belanden lopen konijntjes voorbij.
Ik moet huilen, van ontroering, van vermoeidheid, van een onbestemd gevoel.