Dinsdag 1 mei

Another day at the office, en we gaan door met de acties.
Iedere dag wordt er meer op ons bordje gelegd, vanuit de directie, vanuit het personeel, en er worden steeds meer grenzen overschreden en grenzen gesteld.
Er worden 250 ballonnen opgeblazen voor in de kamer van de directeur. Ik probeer een strijdlied te schrijven, maar kom niet verder dan: heb je even voor mij - maak wat geld voor me vrij.
En ik merk dat ik weer teruggrijp naar de basis, nu ik die basis eindelijk heb.
Ik maak lijstjes, en neem me voor te bekijken wie wat kan doen. Stel prioriteiten.
Ik verlies mezelf niet in de toestand om me heen.
Woensdag 2 mei

In het begin was de schoonmaker op mijn werk nog aardig. Hij zag me vaak lopen met een maaltijd voor de magnetron, en hij maakte er een spelletje van om te raden wat het was.
Maar bij de avonddiensten van deze en vorige week is hij anders, gemeen, sarcastisch, althans, zo ervaar ik het.
Als hij me nu ziet lopen met een maaltijd of een inmiddels leeg bord vraagt hij met een zogenaamd verbaasde toon: 'Eten? Als ik dat bevestig, zegt hij: 'jij moet toch niet eten, jij moet afvallen'.
Ik had me voorgenomen er vanavond iets van te zeggen. Niet in de verdediging te gaan, maar te zeggen dat ik die opmerkingen niet meer wilde. Maar er waren redenen genoeg te vinden om het niet te doen, en teleurgesteld  en boos op hem en mij reis ik terug naar huis.
Mijn enige troost is dat hij het nog druk heeft vandaag met het verwijderen van alle ballonresten.
Restanten van  een woedeaanvaal van de directeur die niet zo blij was dat zijn kamer ermee vol zat.
Donderdag 3 mei

De pleuris is uitgebroken.
's Ochtends bereiden we onze actie van vandaag nog voor.
Om 12.00 uur proberen we in onze eigen vergadering enige orde aan te brengen in alles wat op ons bordje ligt.
Om 13.00 uur is er overleg met de directie, en we krijgen slecht nieuws. Verontrustend nieuws over slecht weer.
Om 14.00 uur overlegt de OR opnieuw, wat is wijsheid.
Om 14.15 uur denken we onze wijsheid gevonden te hebben en brengen we dit over aan de directie.
Om 14.30 uur lichten we het personeel in dat de acties voorlopig worden opgeschort en dat ze uiterlijk vrijdag vanuit de directie een verklaring krijgen.
Om 15.00 uur komt 1 van ons uit de kamer van de directeur, boos, en heel terecht.
Soms zou ik willen dat mijn boosheid zich met meer temperament zou uiten, maar ik vloek wat, zeg wat over boosheid maar dat is het.
De rest van de werkmiddag staar ik wat voor me uit.
Sleep me slapend naar huis.
Mis daar vreselijk iemand om mijn verhaal aan te kunnen doen.

Vrijdag 4 mei

Een dag waar tientallen mails elkaar razendsnel volgen.
Ik heb soms moeite met alle meningen, alle bemoeienissen.
Ook een dag waarop iedereen me vraagt of ik niet heel erg blij ben weg te gaan, binnenkort.
Ik houd me nog niet bezig met mijn nieuwe baan. Weet het, als feit, maar voel meer dat ik na 14 mei 3 weken vrij zal zijn.
Dat doet me deugd, vrij zijn, het besef van daarna elders wederkeren is er nog niet.
Het voelt ook een beetje als mijn collega's in de steek laten, in de zware tijd die komen gaat.
Zaterdag 5 mei

Een fietstocht van zo'n 4 uur, op zoek naar de meest geschikte plek voor mijn feest.
Ik ben trots op mij, zo lichamelijk actief.
Zie mooie plekken, minder mooie plekken, konijntjes, dino's, mannen in hele strakke wielrenpakjes.
Op de terugweg nog even langs mijn favoriete paadje wat me altijd zo gelukkig maakt. Halverwege zie ik een auto, op een wat rare plek, waar auto's niet mogen komen. Ik zie een man, onderuitgezakt op de achterbank.
Ik kijk wat langer, zie dan een hoofd op en neer gaan in zijn schoot.
Ik fiets naar huis, vandaag maakt mijn pad anderen gelukkig.
Zondag 6 mei

Nog 1 week werken.
Ik maak me op voor een hele drukke week werken, alleen.
Geen week van rustig afbouwen, maar me door het dagelijkse werk en OR gebeuren worstelen.
Goed nadenken over het hoe van het afscheid nemen.
Maandag 7 mei

Heimiddag met de OR.
We spelen een spel, het kwaliteitenspel.
Op iedere kaart staat een eigenschap. Je krijgt 5 kaarten, en pakt om beurten een kaart van de stapel en bepaalt of het een eigenschap is die je bij jezelf vindt passen, en doe je een andere kaart weg, of meer bij een ander. Geef je de kaart aan een ander, dan moet je ook uitleggen waarom.
Het is mooi om te zien hoe de verdeling in dit team is. 2 Extraverte mensen die de kaartjes krijgen met vrolijk, spontaan en humoristisch.
2 Meer naar binnen gerichte mensen, soms gesloten overkomend, soms wat traag reagerend, maar ook zeer betrouwbaar en verantwoordelijk. Een 5e die vooral heel zorgvuldig is, een specialist, ijverig en soms wat onzeker.

We eten bij Fifteen, het restaurant van Jamie Oliver en ik realiseer me dat ik deze bijzondere verzameling mensen missen ga. 

Dinsdag 8 mei

Een drukke vrije dag.
Ik koop kaartjes, voor iedere collega van mijn afdeling, om de komende dagen tijdens laatste diensten met hen, uit te delen. Ik maak uitnodigingen voor mijn feest. Op iedere kaart zet ik voorop een foto van mij met de ander, uit een stukje gedeeld leven. Stuur de stellen ieder een kaart, omdat ik een stel niet als stel zie maar als 2 individuen. De printer maakt overuren.


Woensdag 9 mei

Zodra ik om half 12 op mijn werk kom word ik overspoeld met spoedkwesties. Briefjes, mailtjes, persoonlijke vragen, het resultaat van anderhalve dag niet werken.
Ik deel de eerste kaartjes uit aan mensen die ik niet meer ga zien, althans niet in deze setting.
Ik handel verstandelijk, mijn emoties bevatten mijn weggaan nog niet, totaal niet.

Donderdag 10 mei

Halverwege de dag heb ik eindelijk weer wat overzicht.
Ik ben nog druk met een handleiding, maar het andere werk is weer geslonken en in behandeling.
Mijn OR collega's geef ik een afscheidskadootje: zo'n hoofdmassageding, dat ze de komende tijd hard nodig zullen hebben. Ik stuur een bedankmailtje naar relaties met wie ik de afgelopen jaren prettig heb samengewerkt. Krijg lieve mailtjes terug.
Zoals een verhuizing goed is om te bepalen welke spullen je houd en wegdoet, is een nieuwe baan goed om te voelen wat je voor mensen hebt betekend.
Vrijdag 11 mei

Mijn eerste exitgesprek.
Ik heb me enigzins voorbereid, wat steekwoorden opgeschreven.
Over wat ik zelf geleerd heb en nog te leren heb.
Waar ik dankbaar voor ben, pluspunten van de organisatie, maar ook waar ik dingen mis heb zien gaan en me nog zorgen over maak.
Die laatste dingen gaan vooral over communicatie, en ik krijg als reactie dat communicatie nooit perfect zal zijn, maar ik probeer toch mijn punt te maken. Hoop dat de zorg voor mijn achterblijvende collega duidelijk is overgekomen, en dat het inwerken van mijn opvolgster zorgvuldiger zal gebeuren dan nu het plan is.

In de trein slaap ik, thuis op de bank slaap ik, om half 4 's nachts sleep ik me naar bed en slaap ik.
Heel lang slaap ik.
Zondag 13 mei

Nee, niet uitstellen tot dinsdag.
Vandaag opruimen, ik heb het nodig, het is zo vol in mijn hoofd.
Ik heb het nodig, om dinsdag niet met een rommeltje te beginnen.
Ik heb het nodig om even praktisch en bevredigend bezig te zijn.

In de dorpskrant lees ik dat Goede Man gisteravond in de dorpskroeg was. Even gaat mijn hart sneller kloppen, even voel ik een teleurstelling dat ik niet gegaan ben.
Maar tijdens het stofzuigen bedenk ik me dat het goed is zo. Dat het goed was om thuis te zijn, tot rust te komen. Dat hem zien niets uitmaakt voor de band die we hebben, niet in positieve als in negatieve zin.

Ik heb al een halve week afscheid genomen.
Soms was het meer een beleefdheidsding. Zeg je: ik mis je en we zien elkaar nog maar weet je dat dat niet waarschijnlijk is, van beide kanten.
Maar meestal was het zeer gemeend en best moeilijk ook. Mensen met wie je belangrijke interesses hebt gedeeld, met wie je gevoelsmatig echt iets hebt. Mensen voor wie je echt iets hebt betekend.
Maandag 14 mei

Het werk gaat gewoon door, vandaag.
En dat is misschien maar goed ook. De vragen van medewerkers en klanten blijven komen, ik probeer zoveel mogelijk weg te werken, ik probeer me niet te irriteren aan wat dingen die gaande zijn, die typerend zijn.
Halverwege de dag krijg ik een waanzinnig mooie grote bos bloemen, met kaartjes aan de stelen met persoonlijke berichten van medewekers. Ik lees en begin te gloeien.
Collega's komen gedag zeggen, raar, heel onwerkelijk nog.
Dan komen de kadootjes, geld, veel geld, een prachtig memoryspel met hele vertrouwde plaatjes van de afdeling, een toepasselijk boek over treinreizen.
Ik pak alles bij elkaar, en sta dan even stil, met de rug naar de doorwerkende mensen aan de telefoon, ik kijk naar mijn werkplek en tranen rollen, als een afscheid bij een graf.

Het eten met het team, op een erg mooie locatie aan het IJ, gezellig, maar ook in een roes. Het 'ik ga weg' zoemt in mijn hoofd, Ik voel de zorg voor mijn allerliefste collega, de dreiging van de dingen die nog komen gaan in dit bedrijf.

Het is een mooie dag geworden. Confronterend ook, want hoe neem je goed afscheid. Wat zijn juiste laatste woorden, laatste woorden zonder valse beloftes over kontakt houden. Met een aantal mensen zal ik zeker blijven schrijven, zal ik zeker blijven zien. Maar ik heb geen illusies over onmisbaar zijn, en besef ook dat ik sommigen niet meer zal zien.
Het is goed zo.

Dinsdag 15 mei

Het voelt nog als een vrije dag, een gewone vrije dag, niet de dag na een laatste werkdag.
Ik breng deze vooral slapend door, echt moe van alles wat gebeurd is.
Tussen het slapen door even naar de dokter, we zijn tevreden met hoe het gaat, en minderen verder met de medicijnen.
Tussen het slapen door ook lees ik een stukje tekst van mijn allerliefste collega, en ik huil bij het lezen van hoe zij het ervaart.
Ik plaats het hier, met haar toestemming:

15-05-2007

Veranderingen:

Aan de ene kant ben ik best goed in afscheid nemen van collega's. Degenen die ik wil blijven zien, zie ik nog, degenenen bij wie ik geen behoefte heb aan contact, zie ik niet. As simple as that. Het verloop op de afdeling waar ik werk is nu eenmaal groot. Mensen komen, gaan, komen, gaan. Dat went snel.

Maar afscheid nemen van de enige collega waarmee je je baan deelt, is toch even andere koek. Met haar kon ik goed samenwerken, en het klikte ook nog 'es tussen ons. Zij is degene die een grote, ongezellige leegte achterlaat.

Bovendien heeft haar vertrek gevolgen voor mij: haar uren worden niet één op één opgevuld. Dat is ook niet nodig, maar ik voel me erg op mezelf teruggeworpen. Nu waren de momenten dat wij elkaar zagen vaak op één hand te tellen, maar helemaal niet meer aanwezig is echt een stap verder. Tel daarbij de roerige tijden in het bedrijf op en de veranderingen die daarmee gepaard gaan en u begrijpt dat ik het gister bij het afscheid even te kwaad had. Ik ben een vis. Vissen kunnen niet zo goed tegen verandering.

Overigens vierden we het afscheid met een etentje in Wilhelmina Dok. Een errrug leuk restaurantje. Met veel vis op het menu.

We zullen zien wat de toekomst gaat brengen. In ieder geval een nieuwe collega. Straks pas. Voor minder uren.

Tijden veranderen.
Woensdag 16 mei

De dagen blijven in het teken staan van afscheid nemen.
Vandaag afscheid nemen van iemand die me gedurende een aantal jaar dierbaar is geworden. Soms zagen we elkaar regelmatig, soms zaten er wat maanden tussen, maar altijd was er veel bij te praten en was er een vorm van intimiteit. Van herkenning ook.
Vanavond voel ik tijdens het afscheid een ontroering, waar woorden even achterwege blijven.
Over een paar dagen emigreert hij naar Spanje.

Donderdag 17 mei

Een dag op stap met BHV.
Ik wil zo graag de locatie voor mijn feest vast hebben staan, ik wil rust in mijn hoofd op dat gebied.
De leukste en de meest passende en praktische is toch wel het openluchttheater bij mij in de buurt.
's Middags gaan we nog naar het fotofestival in Naarden. We zijn dol op foto's, maken ze graag zelf en proberen te definiëren wat een foto tot kunst maakt. Het formaat, de herhaling, een verbindend thema.
Aan het einde van de dag nog naar de mensen die de catering op mijn feest gaan doen, oude vrienden van me. Bijzonder mooie warme mensen die midden in het bos wonen en daar een biologisch bedrijf hebben opgezet wat ontzettend goed loopt.
Ooit kraakte ik met hen een school, nu hebben ze 2 kinderen en zie ik ze ouder en ouders zijn.
Zo'n stel wat je ook wel zou willen zijn.
Vrijdag 18 mei

Ik heb nog niet echt een vrij gevoel, maar dat doe ik zelf.
Ik ben heel druk met het maken van mijn fotoboeken, wil ze eigenlijk af hebben op mijn feestje. Kom erachter dat er brand is geweest bij het productiebedrijf van de fotoboeken dus het wordt spannend of het op tijd gaat lukken.
Ik betrap mezelf op de hang naar perfectie, het naar de zin maken, het tot in de details uitwerken van dingen, terwijl de basis er nog niet eens is.
Struin op internet naar verhuurders van partymateriaal, kijk angstvallig op de site van het knmi en ga op basis daarvan ook op zoek naar een verhuurder van tenten.
Maak lijstjes van wat ik nog moet doen, wat ik nog wil doen, wat ik nog moet kopen en wat ik nog moet regelen.
Geen vrij gevoel, maar ik zou niet anders kunnen.
Zaterdag 19 mei

Door-door-door.
Fotoboeken, lijstjes, uitzoekwerk.
In de supermarkt spreek ik een dorpsgenoot en ondertussen zie ik Ex een aantal keer voorbijkomen. Hij is druk in de weer voor een feestje morgen.
Voor het weggaan koop ik nog een paar bosjes bloemen voor hem, en ik zie achter me dat hij op het punt staat hetzelfde te doen, met dezelfde bloemen. Kennelijk ken ik hem.
Ik zeg hem dat hij ze niet meer hoeft te kopen, dat hij ze morgen van mij krijgt en we lachen beiden breeduit.
Tussen het steeds maar bezig zijn, probeer ik mijn huis opgeruimd te houden, en mijjn hoofd een beetje rustig.
Zondag 20 mei

Daar zitten we weer.
Een bijzonder gezelschap, voor het 2e jaar, aan de keukentafel van Annie, op haar verjaardag.
Ze is nog zo levendig voelbaar en wordt nog zo zichtbaar gemist.
Er wordt gelachen, gepraat en veel, heel veel gedronken.
Dit zou ik ook willen zijn, ook willen bieden, zo'n tafel, zo'n manier van in het leven staan, zo genieten.
Ik ben op weg.
Maandag 21 mei

Mijn dagen verschuiven. De ochtenden zet ik weliswaar een wekker, maar kom mijn bed pas uit als deze allang niet meer gaan. De nachten ga ik maar door en ga ik echt veel te laat naar bed. Hoe pas ik straks ooit weer in het werkende leven.
Ik krijg een mail van Grote Zus. Zij wil graag op mijn verjaardag met me naar het fotofestival. Ik zeg haar dat ik daar al geweest ben. Ze stuurt een mailtje waarin ze aangeeft teleurgesteld te zijn, dat ze zich er erg op had verheugd, dat ze nu niet meteen op iets anders over kan stappen.
Ik laat de mail tot me doordringen. Ik vind het echt heel goed dat ze zo eerlijk is.
Ik zie mezelf nagaan of ik beloftes had gedaan, of we al een concrete afspraak hadden over waar naar toe te gaan, maar naar mijn weten is dat niet het geval. Dat mail ik haar, maar laat haar met haar gevoel in haar waarde.
Later vinden we een zeer goed compromis. Ik ben er weliswaar geweest, maar nog maar naar een paar locaties, terwijl er nog zoveel meer te zien is en dat zal ik op mijn verjaardag met haar doen. Wil ik ook echt met haar doen.

De site van het knmi wordt er niet fijner op.

Dinsdag 22 mei

Wederom een toerdag met BHV. Wat zou ik zonder haar moeten! Doel is toch wel om duidelijkheid te krijgen over de feestlocatie, of nee, om nu echt een knoop door te hakken. Ondertussen halen we wat dingen op die ik via Marktplaats heb aangeschaft.
Terwijl we door Soest rijden krijg ik een telefoontje van de gebruikster van het Openluchttheater. Het gaat niet door. Zij wil wel, kan zich juist helemaal vinden in mijn plannen, wordt zelf dit jaar ook 40 en heeft ook een zeer theatrale geest. De gemeente, die eigenaar is, wil ook wel. Maar er is een contract met een cateraar die echt een enorme eikel schijnt te zijn. Met wie niet te overleggen is. Die in de tassen van bezoekers kijkt om te zien of ze niet zelf eten en drinken mee hebben genomen.
Dat wil je niet.
Ze geeft me wel een suggestie voor een andere plek. BHV, flexibel als ze is, draait de auto om en we gaan naar de mogelijk nieuwe plek. Praten daar wat met de opzichter. Zien zeker mogelijkheden, maar ook wat problemen.
Overleggen met de eigenaar van het terrein en ik moet eerst een evenementenformulier opsturen met mijn wensen. Als we dat thuis hebben gedaan gaan we opnieuw op pad. Komen bij toeval nog langs andere terreinen, en het duizelt ons van de opties.
Nog geen knoop kunnen doorhakken, eerst antwoord krijgen van de beherende instanties.
Woensdag 23 mei

Ik bel Staatsbosbeheer. Het regiokantoor. Ik krijg wat telefoonnummers van plaatselijke afdelingen.
Als ik die bel krijg ik een keuzemenu.
Voor boswachter huppeldepup toets 1, voor boswachter hatseflats toets 2, voor...
Ik heb geen idee welke boswachter ik hebben moet. De boswachter achter toets 1 neemt niet op.
De boswachter achter toets 2 neemt wel op, maar heeft op bijna iedere vraag van mij het standaardantwoord dat de plek daar toch voor bedoeld is.
Conclusie is dat wat ik wil daar mag en kan.
Ik hak een knoop door.


Donderdag 24 mei

Jarig.
Ik besef het zodra ik mijn ogen opendoe, er is een constante glimlach om mijn lippen en ik voel dat dit mijn dag is.
Ik ga naar een station waar Grote Zus me ophaalt. Ze heeft slingers met 40 in het hart op mijn kant van de auto geplakt. Ik zwaai onderweg naar mensen die nieuwsgierig kijken, en wijs op mij.
In Naarden zien we prachtige foto's. Alledaagse taferelen mooi in beeld gebracht, of de menselijkheid van niet menselijke situaties, zoals oorlogen of natuurrampen.
Foto's van overleden Surinamers, die de gewoonte hebben de doden feestelijk aan te kleden. Daar zijn ze, opgebaard, prachtige kleurrijke kleding en make-up, maar zo vastgelegd dat het lijkt alsof ze staan. Alsof ze alleen maar hun ogen even dicht hebben.
Een container met interviews. Een vrouw is naar Iran gereisd na de aardbeving in Bam op 26 december 2003. Ze kwam daar een kapperszaak binnen en zag aan de muur foto's van de overleden vrouw van de kapper. Ze vroeg hem of hij wel eens met haar praatte. Hij bevestigde dat, maar vaak was het te druk in de winkel. Ze vroeg hem wat hij ervan zou vinden als ze de foto mee zouden nemen naar haar hotelkamer, waar hij in alle rust tegen haar zou kunnen praten. Zij zou het gesprek dan opnemen. Hij knikte blij en ontroerd.
De kunstenares heeft meerdere mensen met foto's op haar hotelkamer ontvangen. Ze kon ze zelf niet verstaan, maar de emotie was overduidelijk en vaak huilde ze tijdens het filmen. Voor ons bezoekers is er wel ondertiteling. Soms gaan de gesprekken over de dood en het leven, over het grote gemis en onrecht. Soms ook gaan ze over hele alledaagse dingen, over een ruzie met een tante, over een ontluikende liefde.
Foto's ook van jongenshoeren, kale lege foto's, tentoongesteld in kamertjes met foute behangetjes boven de brandweerkazerne.

Poike Stomps
Project: Een jaar met de Dood
De fotograaf: In de afgelopen jaren kruiste de dood steeds vaker mijn pad. Een ontmoeting met de dood is altijd confronterend en roept onverwachte emoties op. De dingen blijven niet zoals ze waren. Ik koos ervoor een neutrale insteek te zoeken en besloot de wereld van het uitvaartcentrum en het mortuarium fotografisch te verkennen. Met name díe ruimten waar de levende mens werkt met de dode mens. Hoewel dit een redelijk afstandelijke benadering is kom je ook in die wereld de emoties van de mensen tegen. Hun gene, hun behoefte aan privacy.

Geert van Kesteren (1966)
Geert van Kesteren heeft een groot deel van 2003 en 2004 doorgebracht in Irak. Hij heeft hierover geschreven in Dagboek Bagdad.
Met zijn foto's probeert hij de aandacht te blijven vestigen op de gruwelijkheden om ons heen. Ook maakte hij in 2006 de foto's voor de tentoonstelling Schraal, over armoede in Nederland.
De foto hiernaast schijnt door het NRC geweigerd te zijn onder het mom van 'goedkoop sentiment'.
Ik kan me nog een discussie herinneren rond een fotograaf die bij een foto over een oorlog een teddybeer bij een dood kind had gelegd om het beeld te dramatiseren. Dat gevoel bekruipt mij nu ook bij het zien van het speelgoed in het handje van het kind.
Toch kan ik mijn ogen niet afwenden.

Vrijdag 25 mei

Met Ex haal ik eerst een bus op, dan wat spullen bij een partyverhuurbedrijf en dan de tent.
Het is aan de rand van het dorp, midden in het bos. We rijden het erf op van een boerenbedrijf.
Onder het dak van de open hooischuur zit een ouder echtpaar met een kinderwagen voor zich.
We nemen tegenover ze plaats, wachtend op hun zoon die de tentverhuur doet.
Het is een aangenaam gesprek. Niet van dat koetjes-en-kalfjes-gesprek waar oudere mensen vaak toe in staat zijn, maar mooie verhalen.
De zoon arriveert, hij heeft een zeer prettige stevige handdruk en een mooie lach.
Ik zie nu pas de omvang van wat ik wil.
De tent is 10 bij 5, dat wist ik op papier, maar zie nu pas hoe groot en vooral hoe zwaar dat is. Ex schat het op zo'n 300 kilo.

Als 's avonds ook Albert is langsgeweest met het door mij bestelde drinken en eten, staan mijn huis en de hal van het portiek vol.
Ik kan er niet blij van worden.

Ik ga tot laat door. Als een heel uur nadert neem ik me voor dat ik ga stoppen als de grote wijzer op 12 staat maar als ik dan opnieuw kijk is het al weer een paar minuten over heel en kan ik net zo goed doorgaan.

Rond 3 uur krijg ik een mailtje. Ik verwacht spam, maar het blijkt van Goede Man.
Hij wil met me afspreken en al snel wordt duidelijk dat het niet zomaar een afspraak zou zijn. Geen veilige plek waar niets meer kan gebeuren dan de uitwisseling van broeierige blikken en het zogenaamd terloops aanraken van elkaar.
Nee, een afspraak bij mij thuis. Wilde, intieme seks.
Ik probeer te achterhalen of hij dit zegt uit een hoop, een verlangen, een wens of dat het echt gaat gebeuren. Hij zegt het laatste, ik kan het nauwelijks geloven.
Ik durf niet te vragen wat er is veranderd, waarom het nu wel zou kunnen.

Het is al licht als we het kontakt voor die nacht verbreken. De vogels fluiten.
Ik weet niet of ik blij moet zijn.
Voorlopig is hij een week weg, naar Italië.
Ik heb niet gevraagd met wie.
Zaterdag 26 mei

Ik zucht van verlichting als het 5 uur 's middags is geweest.
Nu geen geren meer naar een winkel om toch nog iets in huis te halen.
Dat wil niet zeggen dat ik klaar ben, niets meer hoef te doen. Ik ben nog muziekjes aan het opnemen, wat niet lukt, ik pak al mijn spullen, ik wil mijn haar nog verven, foto's lamineren, enz.
Het slaapgebrek maakt me niet echt helderder, en een zeer in zicht zijnde deadline ook niet.
Ik baal van wie ik ben, dat ik alles weer zo op het laatste moment moet doen. Had ik niet 2 weken vrij?
En waarom zo in de details blijven hangen? Drang naar perfectie, het goed willen doen, het iedereen naar de zin willen maken, bang voor het maken van fouten.
Het organiseren van zo'n feest legt het allemaal bloot.
Zondag 27 mei

Er zijn vannacht een paar mensen wakker geworden en hebben toen gezucht.
Dat waren de mensen die de tent gingen opzetten voor mijn feest en op het moment van wakker worden regende het.

Als ik met BHV en Ex aankom op het terrein schrik ik. Op het grote terrein zie ik rood-wit afzetlint. Ik denk aan de woorden van de beheerder van de kiosk op het terrein, dat het wel eens heel erg druk kon worden, dat ik er vroeg moet zijn of in ieder geval een stuk zou moeten afzetten.
We rijden door, en op een naastgelegen, veel mooier stuk is nog plek genoeg. Ik haal mijn duimende vingers uit elkaar en opgelucht adem.

Er wordt nog meer gezucht bij het opzetten van de tent, en volkomen terecht. Door de grootte en de zwaarte en mijn gebrek aan realiteitszin worden de nodige twijfels geuit en zweet vergoten.
Een kop koffie en een handleiding later komen we een heel stuk verder.
We, eigenlijk is dat alleen BHV en Ex. Ik voel me beperkt door mijn eigen lichaam, beperkt door onvoldoende daadkracht.

De tent komt te staan, ziet er indrukwekkend uit. We versieren de tent, pakken alle spullen uit en knappen onszelf een beetje op. Niet lang daarna komen de eerste gasten.

De dag gaat in een roes voorbij. Ik praat wel met mensen maar tot echte gesprekken komt het niet. Soms gaan mensen al weer weg terwijl ik ze nauwelijks gesproken heb.
Toch is het wel een dag zoals ik gewild had en er zijn meer mensen gekomen dan ik had durven hopen, zo'n 30 mensen.
Ik zie mensen met elkaar mengen. Er is geweldig eten. De zon schijnt.
Ik heb een fotoslinger gemaakt van de mensen die er zijn en niet konden zijn, hetzij door de dood, hetzij door andere redenen.
Ik vertel wie wie is en wat die mensen voor me betekenen.
Verbind er daarna een element aan wat typerend voor me is: een quiz. 20 Vragen over mij, met 3 mogelijke antwoorden. 4 Teams, lekker gemengd, en van ieder team moet iemand rennen naar de bank die staat voor het antwoord waarvan zij denken dat het juist is. Ze blijken me goed te kennen.

Mijn moeder laat me weten het zo leuk te vinden nu ook dit deel van mijn leven te hebben gezien.
Ik moet eerlijk zeggen dat dat een deel van de reden was het zo groot aan te pakken.
Ik wilde mijn familie laten zien dat ik gelukkig ben nu, dat ik een sociaal leven heb.
Of wilde ik dat mezelf bewijzen.

Later op de avond, als er nog maar een paar mensen zitten, loop ik het bos in om te plassen. Terwijl ik probeer niet met mijn blote billen in de brandnetels te belanden lopen konijntjes voorbij.
Ik moet huilen, van ontroering, van vermoeidheid, van een onbestemd gevoel.
Maandag 28 mei

The day after.
Moe en voldaan.
Ik geloof echt dat iedereen het wel naar zijn zin heeft gehad.
Ex komt langs om me nog 1 keer te helpen.
We brengen de tent terug naar de vriendelijke meneer met de stevige handdruk, en de bus terug naar de verhuurder.
Gaan dan nog even napraten in een nieuw café-restaurant.
We nemen de mensen door die er waren. Over dat het lastig is, zonder relatie, dat je dan de dingen, zoals dit evalueren, moet organiseren, dat er niet iemand met je thuis komt, die mede met je nageniet, die zijn armen voor je open houdt.
Het even napraten met Ex wordt langer en langer, we delen onze intimiteiten.
Hij zegt me bewondering te hebben voor het feit dat ik iets doe aan de dingen waar ik niet tevreden over ben.
Ik zeg hem dat ik tegelijkertijd niet meer zo achter dingen aan jaag, dat ik het cliché van dat je eerst zelf gelukkig moet zijn voor je dat met een ander kunt zijn aan het realiseren ben. Het is ook het enige waar je wel invloed op hebt. Net als ik vandaag weer eens hoorde dat je ook je verleden niet veranderen kunt.
Ik heb er de 1e 40 jaar opzitten.
Streep onder alle dingen die ik niet mee wil nemen.
Nog een cliché: laat mijn leven inderdaad nu beginnen.
Dinsdag 29 mei

De laatste spullen worden bij mij opgehaald en het huis is weer van mij.
Afval in de afvalbak, lege flessen in de tassen, volle flessen bij mijn voorraad.
Ik stuur bedankmailtjes naar de aanwezigen, en de link van de site waar de foto's staan.
Ik maak een begin met het bijwerken van deze site. Ik was bang er eerder aan te beginnen, kon de uren die het ongetwijfeld zou gaan kosten, niet missen.
Evalueer met mijn ouders, en met BHV.
BHV is haar auto gisteren kwijt geraakt, door een verkeerd geplaatst oliefilter, door garage of leverancier, is de motor van de net aangeschafte 2e hands helemaal kapot gegaan en kwam ze stil te staan op de spitsstrook. Politie en ANWB moesten erbij komen om haar te redden.
Ze zegt dat het maar een auto is, ik heb erg met haar te doen. Komt ook voort uit een soort van schuldgevoel omdat ze zoveel voor mij gedaan heeft op het feest, en ik het gevoel heb dat ik zo weinig terug kan doen.
Het gevoel dat ik bij Ex ook heb.


Woensdag 30 mei

Mijn huisarts is zo leuk.
Daarnaast zitten we ook nog op 1 lijn.
Ik zeg haar dat het goed gaat.
Dat ik behoorlijk getest ben de afgelopen weken, met de spanningen die het organiseren van een feest met zich meebrengt. Dat ik naar de foto's kijk en zie hoe lelijk ik ben, maar dat ik er niet meteen depressief of intens verdrietig van word. Dat het me eerder sterkt er nu eindelijk iets aan te doen.
Ik zeg haar dat ik er helemaal geen belang bij heb om te snel te willen. Dat er de komende weken genoeg spannende dingen gaan gebeuren en dat ik daarbij wel een steuntje in de rug kan gebruiken. Dat mijn voorstel is om zeker nog een maand door te gaan met de huidige dosering.
Ze is het helemaal met me eens. Zegt me dat zij anders dit voorstel had gedaan. Dat ze me zal afremmen als het niet goed of te snel blijkt te gaan.

En opeens heeft de tijd een naam gekregen. Het is niet meer over 10 dagen, of 3 dagen, maar opeens is het overmorgen. Ik krijg gezonde zenuwen voor mijn nieuwe baan.

Donderdag 31 mei

Ik heb ervaren dat ik dingen kan leren, mezelf kan ontwikkelen.
Ik heb leren schrijven, leren rust te hervinden, geleerd met mensen om te gaan.
Het is een kwestie van je erop focussen, je bewust zijn van de drang om iets te willen leren, het als een uitdaging te zien, in plaats van iets wat je nu eenmaal niet kan.
Zo heb ik ook beter leren seksen.

Er zijn nog dingen die ik leren wil.
Ik hoef er niet perfect in te worden, maar een zekere ontwikkeling zou geen kwaad kunnen.
Zo wil ik beter voor mijn planten zorgen en mijn tuin bijhouden.
Ik wil beter leren koken. Geen culinaire hoogstandjes, maar eens nieuwe makkelijke recepten die ik ook na het werken nog kan maken.
Ik wil beter voor mezelf zorgen, in ieder opzicht, en door dat te willen ben ik al een heel eind.

Ik koop vandaag een schriftje.
Ik ben dol op nieuwe schriftjes.
Altijd een kleine aarzeling om de eerste letters aan het maagdelijke papier toe te vertrouwen, mijn best doend op een keurig handschrift.

Ik heb bedacht dat ik dit kan, dat ik kan leren reizen, kan leren omgaan met nieuwe collega's, dat ik mij ook hier een plek kan verwerven.



MEE LEVEN

MEE KIJKEN

ANDER LEVEN

EERDER LEVEN

VANDAAG
Sammy
mei 2007