Maandag 26 december
Het is donker en stil buiten als mijn wekker gaat. Het is 6 uur 's ochtends. Ik probeer niet toe te geven aan de neiging tot snoozen. Probeer ook de op het kussen naast me hardop dromende kat niet in mijn lot te laten delen. Ik probeer het enige juiste te doen, opstaan.
Waar ik gisteravond al bang voor was, blijkt uit te komen. Door de korte wandeling gistermiddag is de pijn weer helemaal terug. Ik voel me echt beroerd als ik me 3 uur later moet afmelden voor mijn werk, beroerd vanwege die beslissing en beroerd van de pijn.
Ik slik bijna alle pillen die ik nog over heb en breng de rest van de dag vooral slapend door.
Ik word wakker en kijk Oprah. Alsof het zo heeft moeten zijn dat mijn ogen hiervoor geopend moesten worden. Het onderwerp is 'people who let themselves go', ofwel mensen die zichzelf hebben laten gaan in de zin van mensen die zichzelf verwaarlozen. Ik heb er opeens een hoop gezichten bij, vrouwen die de zinnen zeggen die dagelijks in mijn hoofd rondspoken. Het zijn inkoppers en open deuren en toch raakt het me als ik anderen hoor zeggen dat ze een basisgevoel hebben dat ze niet deugen, dat ze een een muur hebben opgebouwd om zo pijn te voorkomen. Dat hun leven, mijn leven, draait om de vraag of je de liefde van anderen waard bent. Het antwoord daarop heb ik al vroeg gevonden. Het is als mensen die misbruikt zijn en die volgens de statistieken vaak zelf ook gaan misbruiken. Als je geestelijk verlaten bent, nooit het gevoel hebt gehad dat je er mocht zijn, ga je daar zelf naar handelen, verlaat je jezelf ook. En als je dus bedacht hebt, ervaren hebt, de liefde van anderen niet waard te zijn, geef en gun je het ook jezelf niet. Letterlijk: ik ben de moeite niet waard. Dus doe ik ook geen moeite. Voel je dat je niet anders verdient.
Er wordt gezegd dat je de pijn wegstopt en daarom gaat eten, kopen.
Er wordt gezegd dat je jezelf gaat verstoppen, letterlijk, jezelf terugtrekt uit het sociale leven.
Dat is precies wat er nu speelt en waar ik in vastloop.
De tranen willen niet meer komen, en in tijden dat ze er wel waren, werd de pijn en het eten niet minder.
Ik sluit me af voor kontakt met vrienden, omdat ik daar juist een groot ongelijkwaardigheidsgevoel van krijg en ik mezelf geweld aan doe als ik afspraken forceer.
Hoe hard ik ook nadenk, en hoeveel zijpaden ik ook bewandel, het komt neer op een keuze tussen acceptatie dat mijn leven zo verrot is als het is, en dat ik zo onwaardig ben in lijf en leden, of voor de zoveelste keer weer opkrabbelen en de waarde te leren kennen van het leven en mijzelf.